Het wonder

Wandelstok van BlokkerMijn buurman wordt opgehaald door een taxibusje van Munckhof. Dat gebeurt vaker. Voetje voor voetje schuifelt hij, licht gebogen en met de ene hand leunend op een wandelstok, om het busje heen. De andere hand hangt machteloos en nutteloos naast zijn lichaam. De chauffeur opent van binnenuit de deur.

Sommige chauffeurs zijn heel behulpzaam en springen, zodra buurman in de voordeuropening verschijnt, uit hun zetel, begeleiden de stumper naar de bus en bieden een arm ter ondersteuning bij het instappen. Ook de gordel wordt voor hem in het slot geklikt. Maar niet bij de hork die nu chauffeert. Hij blijft zitten waar hij zit en staat alleen op om de deur weer te sluiten. Dan rijden ze weg. Ik weet het vervolg, want het gaat altijd op dezelfde manier. Na een paar uur komt het taxibusje terug en de procedure voltrekt zich in omgekeerde volgorde.

Buurman heeft een hersenbloeding of herseninfarct gehad bijna twee jaar geleden. Dat hebben de zoons mij destijds verteld, want buurman spreekt geen woord Nederlands. Hij hoeft daarom niet naar Nederlandse les. Sinds een aantal maanden is hij de gelukkige bezitter van een scootmobiel.

Straks is buurman dus weer thuis.

En altijd verbaas ik me over wat volgt en dat is natuurlijk een beetje dom, want als het iedere week opnieuw gebeurt is er sprake van een herhaling en waarom zou ik steeds verbazing voelen?

Maar goed, na het moeizame schuifelen en steunen op de stok en zonder de hulp van een welwillende chauffeur gaat hij het huis in. Ergens, ergens middenin dat huis bevindt zich iets, een lijn, een streep, een grens, want even later zie ik buurman aan de achterzijde van zijn woning. Tegen wil en dank, hoor. Vanwege de ruimtes tussen de rechtopstaande planken van de schutting is zo’n beetje driekwart tuin binnen mijn gezichtsveld vanaf mijn bank.

Buurman begeeft zich heel kwiek en rechtop naar de schuur. Hij komt er weer uit met klusspullen en op het voor mij zo zichtbare terras timmert en schroeft hij er op los. Nu eens aan een tafel. Dan weer aan een fiets.

Hij kan lopen. Zonder leunsel. Zonder schuifels en helemaal alleen. Dankzij dat wonderlijke huis, waar doorheen precies in het midden de pijngrens loopt.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.