Kozijnen

Vrijdagmorgen negen uur.

De mannen van de kozijnen komen er zo aan met het materiaal zodat ze morgenvroeg meteen aan de slag kunnen. Een veldslag zal het zijn, gevolgd door wederopbouw. De oude posten worden eruit genomen en vervangen door kunststof exemplaren. Het nieuwe dubbelglas H++ heeft een veel betere isolerende werking, zo is ons verteld. Vanuit mijn raam op de eerste verdieping zie ik een witte bestelwagen stilhouden, midden op straat. Uitladen op het pleintje met de garageboxen is veel handiger, dat is dichter bij de schuur, waar de spullen een dag moeten bivakkeren. Dus hij vertrekt weer.

Vanmiddag wordt er gedonderjaag in de atmosfeer verwacht. Als ik een blik werp in de achtertuin zie ik de mannen glasplaten dragen. Niet alles past in de schuur. De lege kozijnen mogen tegen de schutting leunen. Het voetstuk van een guillotine wordt ook de schuur ingedragen. Het is ‘het zaagblok’, hoor ik later van Willem, die naar boven komt en twee flinke pakken tegenover mij tegen de kastdeur zet. ‘De horren’.

Het is aangenaam korte mouwenweer. In de verte sjokt een stoet die rolstoelers voortduwen, mannen en vrouwen, sommigen gekleed in een neongeel hesje. Het is nog te vroeg voor de avondvierdaagse wandelaars. Ik vermoed het wekelijkse buitenuitje van de bewoners van het nabijgelegen Parkhuis, dat grotendeels wordt bewoond door mensen met Alzheimer.

Weer gaat de tuinpoort open. Ik zie de onderzijde van een ladder verschijnen, gevolgd door Fred, één van de mannen. Hij knikt naar me. De ladder wordt ook tegen de schutting gezet. Nog ingeklapt. Willem roept: ‘Tot morgenvroeg, he! ‘ Fred steekt een duim in de lucht en lacht erbij. Om acht uur zullen ze present zijn.  Ondertussen geeft het nieuws op nu.nl alarmerende codes door. Oranje voor het hele land vanavond en vannacht.  Wat als het nou morgen hoost en stormt, kan er dan wel worden geklust?

We zullen het zien.

Zaterdagmorgen.

Ik bivakkeer nog half in een droom als Axel naast me zachtjes mauwt. Twintig over zes. Hoogste tijd voor het personeel om op te staan. ‘Mijn kattenbuik mort en dan moet je niet op bed blijven’, moppert hij, ‘maar vers eten neerzetten’. Ik gehoorzaam, anders gaat het mauwen over naar een volume waar de buren van wakker worden.

Het is tien over half acht en ik ben nog in mijn hemd in de badkamer als Willem roept: ‘ze zijn er !!’ Lekker vroeg dus. Ik doe snel een bloes aan en ga naar beneden. In de gang liggen latten en planken. Axel scharrelt nieuwsgierig eromheen. Veiligheidshalve zet ik hem in de woonkamer met de deur dicht.

Intussen kleurt de hemel van licht- naar een erg somber donkergrijs. Ook waait er een stevige bries. Vreemd genoeg lijkt het of de van water verzadigde wolken naar elders worden geblazen. Op een paar druppels na dan. Dat komt goed uit vandaag.

Veel zaag- en timmergeluiden volgen. Geregeld landen lange blokken hout met een flinke klap op de bestrating van het terras. De mannen besparen tijd en energie ermee. Ik geef ze geen ongelijk. Willem kijkt om een hoekje van de tuindeur, die hij een heel klein stukje opent, naar boven. Ik vrees dat hij geraakt wordt. Niet doen, mime ik met mijn mond naar hem door het venster, maar hij lacht om mijn zorgen. ‘Jij maakt je altijd om van alles druk, er is niks aan de hand’. Dat klopt wel.

Om tien uur roep ik de mannen voor koffie naar beneden. Op de tafel staat ineens een gebaksdoos met vlaaipunten. ‘Ik was gisteren jarig’, zegt John, ‘er was nog wat over dus ik dacht die neem ik mee vandaag’. Dat is nog eens wat anders dan zorgen voor kroketten met brood en bier voor de werklui! Ik heb niet eens koekjes in huis gehaald en dat hoeft nu gelukkig ook niet. We zetten ons om de tafel en drinken en snoepen. Onderwijl bespreken ze het voetbalgebeuren van de afgelopen week. Van de vrouwen en van het Nederlands elftal. Ik zet Axel op een kussentje en spreek hem toe dat hij lekker moet gaan slapen. Hij legt zijn vermoeide kopje neer en doet het ook, heel braaf.

Om kwart over elf begint het spaarzame gedruppel over te gaan in gestage regen. Het glas zit nog niet tussen de kozijnen. Toch vordert het werk nu snel.Tegen twaalf uur word ik door Fred naar boven verordonneerd om het resultaat te bekijken. Het ziet er heel mooi uit. In de kleine slaapkamer legt John de laatste hand aan de afwerking: met een hamer klopt hij drie strippen tegen de posten, waarna hij met de kitspuit de naadjes tussen de muur en de latten af dicht. Aan zijn tempo herkent men de ervaren werkman.

 

 

En nu zijn we het huis aan het schoonmaken: het zaagsel bij elkaar vegen, stofzuigen, dweilen en vingerafdrukken wegpoetsen. De nieuwe ramen mogen nog niet worden gewassen. Eerst moet de kit drogen. Buiten is het veel lichter inmiddels en zowaar, de zon piept af en toe tussen de wolken door.

Wat wil je voor de lunch?’ ‘roep ik naar Willem die de kast in de slaapkamer meteen maar een grote beurt geeft. Opgewarmde macaroni of brood? Het wordt de macaroni.
Op naar de volgende klus.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.