Man vermist

De krant zegt dat een man is vermist.
Mogelijk reed hij op een fiets
over de Augustijnenkamp.
 

Na twee glazen ben ik aangeschoten,
giechel om mijn eigen grappen, die flauwer
smaken dan het avondmaal, dat ik heb gekookt.
Je bent bang dat ik rozig en wel
zal vallen in een donker gat
van jouw vroeger.
 
Vervolgen waar het vanmorgen ophield.
Wat zou ik graag samen
vermist zonder kwijt of verloren
woordeloze eenheid zijn.
 
Aan mij merk je niets, zei je, en dat klopt,
nooit was je hand zo vast met een glas
erin of je lijf zo rechtstandig.
Nooit stapten je voeten krachtiger.
 
Bij de deurpost vragen mijn ogen: ga je mee,
maar je bent onvindbaar
in de labyrinten van het plurale tantum.
 

De man uit de krant is weer thuis.

 

 

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.