Terug

De keer dat ik als jong meisje
in de bus een plattegrond aantrof
met bruin verkleurde hoeken, weet ik nog goed
daarop vond ik de weg naar het oude huis

mijn voetstappen gingen over
reeds lang vervlogen sporen, hoewel buiten
de kaart talloze plaatsen op mij wachtten
hield ik stil bij een bekende straat

ik belde aan en daar stond mijn moeder
arm kind, zei ze, je reikt naar filosofen, wat wil je
toch met al die doden, ze hebben je nooit
brood gebracht, laat staan geluk

ik had geen antwoord, ik was de hand
die zichzelf nog moest tekenen en
bleef steken bij de mouw

2 reacties

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.